Dit weekend gingen Sebas en ik voor het eerst samen op pad met onze nieuwe auto, een rode Volkswagen Polo, die 22 kilometer voor aankomst besloot er mee op te houden. Op een parkeerplaats met de weinig hoopgevende naam Galgeveld stonden we te wachten op de monteur van de Wegenwacht of om preciezer te zijn op de man met de hamer.
Het zal je maar overkomen als jonge heteroman. Zit je na een kansloze avond stappen met drie vrienden in de geleende auto van je moeder, lopen er ineens twee homo’s hand in hand over straat. Dat kan natuurlijk niet, want die straat is van jou en daar horen geen mietjes op te lopen, alleen maar gewillige grietjes met grote jetsers en een voorliefde voor domme proleten…
Wekenlang hebben mijn vriend en ik elke dag braaf de afwas gedaan. Met de hand, welteverstaan, want wij hebben geen afwasmachine. En net die ene keer dat er een ieniemienie stapel borden blijft staan, met een omgekeerde, half afgewassen wok eroverheen, dan is het natuurlijk weer raak en worden we…
Half één ’s middags en de Ferdinand Bolstraat is verlaten. Iedereen is aan zee, of in het park of in de Dirk, want daar barst het ineens van de mensen. Sebas en ik verlaten de winkel met een van de laatste stokbroden, brie, ham, yoghurtdrank en een bak American Coleslaw van Johma. Het is zondag, fantastisch weer en we hebben een plan: we gaan pikken kijken.
Overal om me heen staan mafkezen. Lange mafkezen, dikke mafkezen, mafkezen die te vaak onder de zonnebank liggen, mafkezen met raar haar, rondborstige mafkezen, puberende mafkezen, overduidelijk getraumatiseerde mafkezen en zelfs knappe mafkezen met een lekker luchtje op en onnatuurlijk witte tanden. Het is januari 2008 en ik sta in de rij voor een auditie van de Britse Big Brother in Dublin, Ierland, en ik vraag me serieus af wat ik hier in godsnaam sta te doen.
Wanneer je dit leest zit je waarschijnlijk in een restaurant te wachten op je eten met een smartphone in je hand. Je hebt zojuist een portie spareribs besteld of een bloederige biefstuk en vraagt je af waarom die jongen tegenover je eigenlijk de ‘gewokte groente surprise’ heeft besteld en om daarachter te komen heb je, deels uit interesse en deels uit onbegrip, een nogal afgezaagde en taalkundig incorrecte vraag gesteld: “Waarom ben jij eigenlijk vegetarisch?”
Duizend en één ideeën heb ik. Ze zitten in mijn hoofd en willen eruit. Maar op een of andere manier krijg ik ze niet gekneed tot één geheel; een verhaal dat klopt van A tot Z, met een Rode Draad en een Aha-moment. En daarom ga ik dit keer voor losse flodders en hersenspinsels over schuldgevoel, films, zelfcensuur, intolerantie en een tegoedbon.
Heb je dat ook wel eens dat je iemand oraal bevredigt en dat je daarna dan zo’n nare smaak in je mond hebt? Geen nood. Het boek ‘Orale seks om nooit te vergeten’ biedt uitkomst. Gooi, voordat je aan de klus begint een Tictac of (voor de liefhebber van kinky seksscenarios) een Fishermans Friend in je giechel en je adem ruikt na afloop lekker fris.
Dat melk uit een koe komt, zo’n zwart-wit gevlekt log dier met een vriendelijke blik in de waterige ogen, weten veel kinderen niet meer. Ze denken dat melk uit een pak komt en de iets slimmere kiddo’s vermoeden dat dat pak in dé fabriek wordt gemaakt. Je weet wel, die ene fabriek. Die alles maakt. Van sappige appels in kilozak tot spannende spelletjes voor de Wii.